De Levensboom

  • acrylverf op houtenpanelen

Gedoopte en overlede kerkleden worden het lopende kerkelijke jaar herdacht d.m.v. het ophangen van naambordjes op dit paneel in de vorm van een blad.

De Levensboom, of ‘Boom des Levens’, wordt in Genesis door God geplant in de hof van Eden, samen met de ‘Boom van Kennis van Goed en Kwaad’. De vruchten van de eerste boom geeft eeuwig leven, maar Adam en Eva mogen er niet van eten. Na de zondeval laat God de levensboom omringen met wachters en worden Adam en Eva uit de hof gezet. Maar in het laatste Bijbelboek lezen we dat die boom des Levens in het nieuwe Jeruzalem opnieuw te vinden is, maar dan wél toegankelijk voor de mens. Op diverse plaatsen in de Bijbel wordt de term Levensboom gebruikt, direct of indirect refererend aan die in het Paradijs. De eerste Christenen legden al verband tussen Jezus, zijn kruis en de Levensboom in het paradijs. Jezus’ dood aan het kruis werd al door de vroege kerk gezien als bron van leven voor de gelovigen. Het was hét moment van omkeer na de situatie in de hof van Eden: het kruis wordt zelf de levensboom, waardoor nieuw leven mogelijk is. Als gelovigen mogen we weten dat we door te sterven tot eeuwig leven en tot bloei komen. Ook de doop is symbool van deze vernieuwing: door het water wordt het oude leven afgelegd en het nieuwe aangedaan. De levensboom wordt daarom ook wel afgebeeld met rivierstromen, als symbool voor dat water van de doop. Deze symboliek biedt hoop: wat levenloos lijkt, kan weer gaan bloeien.

In zowel Ezechiël als Openbaring stroomt een rivier uit Gods tempel en de bladeren van de bomen brengen genezing. In Ezechiël zijn er veel bomen, maar geen boom van het Leven; in Openbaring lijkt er slechts één boom te zijn, gelegen aan beide oevers van de rivier. In beide gevallen worden we teruggebracht naar de oorspronkelijke staat van de aarde. In het Nieuwe Jeruzalem is de natuur hersteld naar zijn oorspronkelijke schoonheid en vruchtbaarheid: geen enkel blad zal meer verdorren. ‘Er zal niet langer een vloek heersen’ en ‘Er zal geen huilen, dood, rouw of pijn meer zijn.’ De vloek van de zonde zal weg zijn; de ware Boom van het Leven, Jezus Christus, zal mensen genezen. De boom des Levens is de bron waaruit de mens het leven ontvangt: zij bereiken niet uit zichzelf het eeuwige leven, maar zijn volledig en altijd afhankelijk van God.

‘Weet u niet dat wij die gedoopt zijn in Christus Jezus, zijn gedoopt in zijn dood? We zijn door de doop in zijn dood met hem begaven om, zoals Christus door de macht van de Vader uit de dood is opgewekt, een nieuw leven te leiden.’ (Romeinen 6:3-4)

regeboog boeken boom2